Cyclists having problems on the Koppenberg - ©KoenDeLanghe
In sommige edities van de Ronde van Vlaanderen was het niet de winnaar waarover de mensen het hadden, hoe heroïsch zijn prestaties ook waren.
Dat was het geval op 5 april 1987. Claude Criquielion was de eerste die die dag over de eindmeet in Meerbeke ging. Maar de wielrenner waarover iedereen sprak, was Jesper Skibby.
Deze jonge Deense wielrenner, die toen aan zijn tweede profseizoen bezig was, begon na een 180 km lange ontsnapping aan de lastige beklimming van de Koppenberg. Wat daarop volgde, was één van de meest bizarre en dramatische gebeurtenissen in de geschiedenis van Vlaanderens Mooiste. Totaal leeggereden en groggy kon Skibby uiteindelijk niet anders dan de greppel aan de kant van de weg in te ruilen voor de kasseien. Net op dat ogenblik werd hij voorbijgestoken door de auto van de koersdirecteur, die de weg vrijmaakte voor het aankomende peloton. De auto reed de bijna stilstaande Skibby aan, die tegen de kasseien smakte. Alsof dat nog niet genoeg was, reed de auto over de fiets van Skibby en vervolgde gewoon zijn weg, de Koppenberg op. Consternatie alom en Jesper Skibby werd gedwongen op te geven met zijn totaal vernielde fiets. Het betekende ook het voorlopige einde van de Koppenberg. Want na dit incident werd deze klim vele jaren geweerd uit de Ronde. Pas in 2002, toen de vereiste onderhoudswerken waren uitgevoerd, maakte de Koppenberg opnieuw deel uit van het parcours.
Back to top